Түзетулер

Мәтін алынған ... - Nederlands

  • Eerste Indrukken

  • David: Hallo Hans, hoe gaat het?
  • Hans: Prima David.
  • Zeg, dit is Ingrid den Bosch, onze nieuwe projectmanager.
  • David: Goedemorgen, mevrouw Den Bosch.
  • Ingrid: Goedemorgen, meneer Thompson.
  • David: How gaat het met u?
  • Ingrid: Prima, dank u.
  • Bent u soms Engelsman met een naam als Thompson?
  • David: Ja, dat klopt.
  • Bent u Nederlandse?
  • Ingrid: Nee, ik kom uit Duitsland.
  • Maar mijn man is Nederlander.
  • David: Heeft u kinderen?
  • Ingrid: Nee, ik heb geen kinderen? U wel?
  • David: Ja, mijn vrouw en ik hebben twee kinderen, een dochter van 16 en een zoon van 13.
  • Uw Nederlands is erg goed!
  • Ingrid: Dank u.
  • Hans: Ingrid spreekt vloeiend Nederlands, Engels, Fraans, en Spaans.
  • Ingrid: Nou, ik spreek vloeiend Nederlands en Engels.
  • En ik ben vrij goed in Fraans en Spaans.
  • David: En Duits natuurlijk.
  • Ingrid: Ja, natuurlijk.
  • En spreekt u nog andere talen?
  • David: Oh, ik spreek geen vreemde talen.
  • Nou, ja behalve Nederlands dan.
  • Zeg trouwens maar "je".
  • Ingrid: Prima, doe jij dat dan ook.

Әр сөйлемді дұрыстауға көмектесіңізші - Nederlands